Opslaan

Opslag en droogproef 2014, met trektoren

In 2014 opnieuw een praktijk experiment opslag op Quadenoord. Met de eerdere ervaringen in 2012 in de achterzak. De vochtigheid gemeten aan het begin van de opslag is 43 à 45 %. In de bult liggen monsters voor het meten van het verlies aan droge massa. Als de snippers droog zijn, ca. 25 à 30 % vochtigheid, dan voeren we stooktesten uit met een aantal merken van kleinere houtketels (< 200 kW) met vijzelinvoer.

Na een tip van een kachelleverancier is besloten om het ‘Dombelüftungsverfahren’ eens te proberen. Een nieuwe manier in Duitsland, om de ventilatietrek in de opslagbult te stimuleren, waarmee de droogtijd flink verminderd kan worden. Deze techniek zou in theorie en op basis van de ervaringen wel eens goed bij chunks kunnen passen. We zullen leren of dat in de praktijk ook zo zal zijn. In onze blog staan de observaties en metingen aan de bult! In filmverslag deel 3, is overzicht van de ervaringen te zien.

Samengevat resultaat:
De kleine chunks droogden in vier maanden van eind februari tot eind juni van 44 % naar 30 % vochtigheid. Dat is genoeg om de kleine chunks toe te passen in een kleine houtketel. Dus aan die voorwaarde is voldaan. Het verlies aan droge massa viel echter tegen, namelijk 15 %! Geldt hier een combinatie van de wet van de kleine snipper en die van het Dombelüftungsverfahren (zie theorie opslag)?

Ventilatiekanaal uit de aardappel/uien opslag. © Willem Quist
Foto © Willem Quist
De ventilatieschacht. Schoorsteen ontbreekt nog. © Willem Quist
‘Dom verfahren’, een techniek om het drogen te stimuleren met eenvoudige middelen.

Discussie en aanbeveling:
De processen bij opslag zijn een samenspel van factoren. Deels te beïnvloeden. Ervaringskennis is belangrijk. De mate van broei na oogst van vers materiaal kan enkele tot tientallen procenten per opslagperiode oplopen (scholz, 2005). Bij grotere chunks is dit aan de lage kant: minder dan 1 % per maand. In deze casus met de kleine eiken chunks en het Dombelüftungverfahren viel het tegen en waren de verliezen ongeveer vergelijkbaar met chips. Een snelle droging gecombineerd met weinig broei, zoals bij grote chunks mogelijk is, minimaliseert het verlies aan droge massa en maximaliseert de opbrengst aan warmte. Dit levert een optimaal klimaatresultaat op met de beschikbare biomassa en is ook goed voor het economisch resultaat. Opslag van biomassa, drogen en het verlies aan droge massa is daarom een onderwerp dat de aandacht verdient voor zowel klimaat, economie als technische haalbaarheid van een keten.

Do’s en Don’ts voor deze manier van opslaan in de open lucht (na gedachtewisselingen met ervaringsdeskundigen onder de deelnemers, o.a. uit recycling, landbouw)Gebruik maken van de microbiële processen -> warmteontwikkeling.

Niet te veel, want dat betekent verlies aan droge massa en dus energiewaarde

  • niet te weinig: aanwezigheid van niet houtige delen als schors is van belang voor het opgang brengen broei.

Goede afstroom regenwater

  • Afdekken met semi-permeabel Toptex. Het dikkere groene Toptex speciaal voor houtsnippers schijnt het water beter naar buiten toe te transporteren dan het witte voor aardappels. Wie weet hier meer van?

Steile bult zonder ‘dellen’.

  • Bult op de hoogste plek, waardoor geen instroom van regenwater aan de onderkant van de bult.

Goede ondergrond

  • Droge verharde ondergrond (bijvoorbeeld niet op gras), water mag niet optrekken. Als je de trek stimuleert met een trektoren zal dit vermoedelijk nog eens extra van belang zijn.
  • Een idee vanuit de akkerbouw is bewaren op stro. Dit zou een goedkope, biologisch afbreekbare ondergrond kunnen zijn voor tijdelijke opslag. Vraag is of er veel stroresten meekomen in de biomassa, en of dat invloed heeft op de kwaliteit van de biomassa.
  • Als het kan een ventilerende ondergrond om de trek te stimuleren.

In onze blog staan de laatste observaties en metingen aan de bult!

Chauffeur van loonbedrijf uit de buurt maakt de bult steil in een paar minuten.© Willem Quist
Gat geknipt in Toptex semipermeabel vlieszeil voor de schoorsteen. © Willem Quist
De afwatering van de ondergrond is niet optimaal. Daarom hebben we de hoop aan de rand gelegd. Opdat het van de bult afstromende water de bosgrond in kan stromen en niet via de harde ondergrond de bult instroomt. Keerzijde: voor de bezonning en de wind is dit niet de beste plek. © Willem Quist
1 maart 2014 16.30, 5 dagen na het maken van de bult. De bult is lauwwarm aan de bovenkant en er liggen waterdruppeltjes. Niet van de regen, want de hele dag is het droog geweest. De zijkant van de bult voelt koud en droog. De ‘ventilatietrek’ is begonnen en het Toptex doet z’n werk en transporteert het vocht. © Irma Corten
1 maart 2014 16.30, ook in de ventilatieschacht zien de chunks er vochtig uit: een teken dat hier het vocht uit de bult trekt?
1 maart 2014 16.30, de zijkant van de bult is droog en voelt niet warm aan. Ook de chunks ogen hier droger. © Irma Corten